Kun je je kindje ‘verwennen’ als je veel draagt?

Verwen ik mijn kindje als ik veel draag? Zal hij te veel aan mij gaan ‘hangen’? Leert hij wel in zijn eigen bed te slapen? Hoe moet dat straks als hij naar de opvang gaat? Dit zijn vragen die ik als draagconsulent vaak krijg. 

Geen idee wie het bedacht heeft, maar één van de mooiste ‘hashtags’ op Instagram, geeft antwoord: ‘#SecureNotSpoiled’. Door je kindje dichtbij je te hebben, zal het zich geborgen en veilig voelen. Je geeft juist een goede basis om met zelfvertrouwen de wereld te leren kennen. 

Vol vertrouwen

Tijdens de zwangerschap zit je kindje warm en geborgen bij je. Hij hoort jouw hartslag, voelt het geruststellende wiegen als je beweegt en hoort je stem. Na de geboorte is de wereld ineens compleet anders en verwarrend. Het meest veilige plekje is dan in de armen van zijn moeder of vader. Dus til je kindje op als hij huilt, draag het bij je en reageer op zijn behoeftes. Je verwent je kindje niet. Sterker nog, het draagt juist bij aan zelfstandigheid, zelfvertrouwen en hechting. 

Een heel concreet voorbeeld. We wandelen buiten en horen veel geluiden: de wind, ritselende bladeren, pratende mensen, maar ook auto’s en brommers. Voor ons heel herkenbaar. Voor een baby zijn die geluiden vreemd en het zijn allemaal losse prikkels. Hij kan het brommende geluid nog niet koppelen aan die brommer. Een plotselinge harde klap, bijvoorbeeld van een laadklep, geeft een schrikreactie. In de kinderwagen kan je dat zien aan de Moro-reflex: een baby zal zijn armpjes en beentjes verschrikt spreiden. Als je in deze situatie je kindje bij je draagt, in een draagdoek of draagzak, zal het aan jouw reactie en jouw hartslag merken dat die klap niet iets is om van te schrikken. Jouw hartslag versnelt namelijk niet en je bent ontspannen. Je kindje voelt dat het veilig is en komt snel tot rust.

Bijkomend mooi voordeel is dat je kindje tijdens het dragen, die brommer, de vrachtwagen en de mensen kan zien. Hij kan leren dat de geluiden bij die objecten horen. Bovendien zal je dit soort dingen vaker benoemen en aanwijzen als jullie zo dicht bij elkaar zijn.

Kinderopvang

Het kan zijn dat je kind op de kinderopvang slechter slaapt en wellicht meer aandacht vraagt. Dit is echter niet per definitie te wijden aan dragen. Ieder kind is anders, met zijn eigen karakter, temperament en zijn eigen ervaringen. Denk maar eens na over het volgende:

  • Er zijn kindjes die thuis goed in hun eigen bedje slapen en het op de opvang prima doen. Alles loopt goed.
  • Er zijn kindjes die thuis goed in hun eigen bedje slapen, maar op de opvang niet. Dan hebben we begrip, is het vaak een kwestie van wennen en samen zoeken naar wat werkt.
  • Er zijn kindjes die thuis gedragen worden, soms in de doek slapen en op de opvang veel aandacht nodig hebben en slecht slapen. Het dragen wordt dan nog wel eens als reden genoemd. 
  • Maar, en dit is een belangrijk punt bij de uitleg over dit onderwerp: er zijn ook veel kindjes die thuis worden gedragen en op de opvang gewoon rustig en makkelijk zijn. Hier hoor je dan niemand over, omdat het niet opvalt.

     

Kortom, ieder kindje is anders en stem af op je kindje wat zijn behoefte is. 

Communicatiemiddel

Een baby huilt niet zonder reden. Het is zijn enige communicatiemiddel. Als je kindje huilt en je pakt het op, dan zal het veelal stil zijn. Waarom zouden we dat dan perse doorzetten en hem weer terug in zijn bedje leggen? Er is een reden dat het rustig wordt in jouw nabijheid. Neem de tijd om te leren in een eigen bedje te slapen en steeds iets langer alleen te spelen in de box. Bouw het op en geef je kleintje het vertrouwen dat je in de buurt bent als hij je nodig heeft. Het is wetenschappelijk bewezen: gedragen kindjes huilen minder ¹.

1) Hunziker, Barr (1986) “Increased Carrying Reduces Infant Crying: A Randomized Controlled Trial”.

Dit blog is geschreven door Sabine Lokin. Sabine is moeder van 4, gecertificeerd draagconsulent en eigenaar van Up and Close 

Ben jij ouder of zorgprofessional en heb jij vragen of ben je op zoek naar advies, neem dan contact met ons op.