Ga naar de inhoud

Griefelen: van spanning naar ontspanning voor jonge kinderen

Schoonheid uit modder. Een mooie zin om te omschrijven waar het Griefelen vandaan komt; waar Griefelen voor staat. We willen de Krokodil als metafoor voor de vecht-respons uit het Griefelprogramma eens een plek te geven. Zijn geklap en gekraak roept meestal responsen op waardoor dieren uit zijn buurt blijven. Tegelijk zegt het nog weinig over wat Griefelen is. Veel van de kinderen die mijn collega, Eveline Beerkens (GZ-psycholoog), en ik (Dinco Verhelst – Ambassadeur Jeugd) zagen knalden óf tegen het plafond van energie óf toonden een gebrek hieraan.  Wat maakte toch dat het bestaande aanbod deze jonge kinderen onvoldoende leek te helpen? We raakten niet uitgepraat over de nood die we beiden herkenden in onze zoektocht om beter afgestemd te raken op de energie-balans van jonge kinderen.

Op zoek naar antwoorden over regulatie

Het inzicht over reguleren, kwam pas nadat een aantal voor mij onverwachte en overweldigende gebeurtenissen een ‘modderpoel’ in mij teweeg brachten. Het alleen analyseren van mijn ‘misère’ zorgde niet dat het me beter ging. Op zoek naar verheldering, gedreven door wat er in én met mijn lichaam gebeurde, vond ik openingen en hoop in het werk van Peter Levine’s m.b.t. trauma. De theorie van Stephen Porges vulde aan.

Systemen in mijn lichaam, geest en ziel waren voor en met mij aan het werk en langzaam kreeg ik vat op de uitwerking daarvan. Na verloop van tijd ging het beter met me. De link naar het werk kon niet uitblijven. Gaven de kinderen op het werk eenzelfde soort boodschappen? Waren de signalen van hun lichaampjes (vorm gegeven in gedrag) hetgeen wij onvoldoende verstonden en begrepen?  

Het ontstaan van het programma Griefelen

Binnen onze opleidingen hadden Eveline en ik geleerd over o.a. emoties, dynamieken en (denk)processen. Maar hoe reageer je als kind als je te maken krijgt met spannende  of onverwachte gebeurtenissen en indrukken. En hoe voelt dit dan in het lijf (ook wel gewaarwordingen genoemd)? Er werd nog nauwelijks aandacht besteed aan gewaarwordingen. Voor ons ging een nieuw ‘speelveld’ open. Met grote nieuwsgierigheid en vol enthousiasme verslonden we de theorieën van Peter Levine (Somatic Experiencing), Bruce Perry (Neurosequentieel Model) en hierop volgend de polyvagale theorie van Stephen Porges. We kregen meer zicht op de verschillende systemen van het autonome zenuwstelsel en hoe deze samenwerken ten bate van onze overleving. Het autonome zenuwstelsel dat ons beschermt door aan te voelen of we in gevaar verkeren (wat overlevings-acties in gang zet) of veilig zijn (wat acties weer kan doen afremmen en sociale betrokkenheid laat toenemen). 

Duidelijk werd dat we fysiologische kenmerken en het lichaam in ons aanbod moesten gaan betrekken. Wat neemt iemand waar in en rondom het lichaam en wat vertelt ons dat? Eindelijk vonden we antwoorden op de vraag waarom het aanbod voor de jonge kinderen tot dan toe onvoldoende had aangesloten. Gewaarwordingen zullen eerst moeten worden ervaren en doorleefd, wil de betekenis die er vervolgens aan wordt gegeven letterlijk grond krijgen. Toen dit kwartje viel, was het vervolg kinderspel.

Werkende met jonge kinderen konden we belangrijke concepten uit de theorieën, koppelen aan activiteiten waar jonge kinderen over het algemeen graag naar toe bewegen. Dit zijn Eveline ik in elkaar gaan schuiven, net zo lang tot het kloppend was. De reacties van de kinderen, toonden dat het goed was. We zagen plezier bij de kinderen en hang naar meer. Samenwerking met Maggie Kline maakte de cirkel rond. 

Uitgaan van de breinontwikkeling

Het meest vernieuwende was het uit (leren) gaan van de signalen die het lichaam geeft, van gewaarwordingen of sensaties. En hier kinderen en ouders in mee te nemen. Samen op reis, wat wij letterlijk hebben vertaald. In de hand met een knuffel, samen door het scala van onze gewaarwordingen reizen. Met als doel ze waar te (leren) nemen, te gaan (h)erkennen, ze te verdragen en/of er op te reageren op een voor onszelf (en anderen) zo passend mogelijke manier.  Wat hebben Eveline en ik genoten van het gepuzzel naar passende dieren als metaforen; een Stokstaart (kind die de wereld in trekt), Giraf (de volwassene, de co regulator), Krokodil (vechtrespons), Vogel (vluchtrespons) en Schildpadje (bevriesrespons). Wat hebben we gezocht naar de juiste knuffels om als visueel en tactiel hulpmiddel in te kunnen zetten. Ik werd er zelf zo blij van. We waren er beiden van overtuigd dat als wij werden geraakt, er afstemming was en synchronisatie, hier zeker iets van over gedragen werd naar het kind en zijn context.  

Herkenbaarheid in kader

In het begin riep ik hardop dat ik hulpverlenen nog nooit zo gemakkelijk had gevonden. We hebben moeilijke theoretische concepten uit de eerder genoemde theorieën verwerkt in concrete gebeurtenissen die plaats vinden in het dierenbos. Daarin gaat Stokkie op reis en beleeft met zijn vrienden 10 avonturen. Er gebeuren fijne en niet fijne dingen. Eerst in het verhaal en daarna in het onderdeel spelletjes. En wordt van alles in het lichaam gevoeld vertaald in krinkels en kronkels. Giraf vertelt iedere keer weer aan de dieren hoe ze kunnen omgaan met die krinkels en kronkels, wat ze kunnen doen om rust te gaan ervaren. Het uitgewerkte kader geeft zoveel houvast dat de processen met en bij de kinderen ook bijna aanvoelen als ‘vanzelf’.  Ik zou bijna vergeten hoeveel werk we hebben gestoken in het vinden van juiste kaders, de verschillende onderdelen die passen bij de werking en ontwikkeling van het jonge brein. Waarbij de afstemming op het kind en de ouder essentieel blijft. 

Dat deze relatie niet altijd simpel is qua dynamiek, weet iedere collega. Binnen de Griefel-context, met hulp van mij als hulpverlener liggen er keer op keer talloze kansen om het gedrag van een kind op een andere manier te aanschouwen, om nieuwe re-actiepatronen te leren. Voor een ouder door zich bewust te worden wat er gebeurt, dit ook te verdragen en soms leren accepteren dat iets is zoals het is. Om van daaruit stapje voor stap meer vat te krijgen op de eigen staat van zijn en die van het kind. Ondersteund door mij (of andere Griefelaars) in deze processen, indien nodig binnen een breder hulpaanbod. 

Griefelprogramma in de toekomst

Voor Eveline en mij is er een ‘wereld bijgekomen’ door het Griefelprogramma. Dat wij niet de enige professionals zijn die in hun aanbod het lichaam en het zenuwstelsel gaan betrekken, blijkt uit de vele congressen op dit gebied. Zoals congressen met Traumasporen van Bessel van der Kolk, het zenuwstelsel met Deb Dana, het neurosequentieel model uitgelegd in België en Nederland. Het blijft een genieten en geeft ons de mogelijkheid om het Griefelprogramma te blijven door-ontwikkelen, met collega’s uit Nederland, België en Amerika (Maggie Kline). We staan te trappelen om het baby ouderprogramma af te ronden en op ons wensenlijstje staat nog Griefelen voor schooljeugd, pubers en volwassenen. Blijf ons volgen via onze website Griefelen.

Dit blog is geschreven door Dinco Verhelst. Dinco is speltherapeut, gezinsbegeleider, uitvoerder en opleider binnen het Griefelprogramma. Ze is ook Ambassadeur Jeugd. 

Een greep uit ons aanbod

Samenwerking

Nieuwsbrief